Vortex-debietmeters werken volgens het Karman-wervelstraatprincipe.
In het midden van de meetbuis is een vast, stomp lichaam (wervelgenerator) geplaatst. Wanneer vloeistof (vloeistof, gas of stoom) door dit obstakel stroomt, wordt de stroming aan beide zijden van het stompe lichaam gescheiden. Regelmatige, afwisselende wervels zullen continu met een vaste frequentie van beide zijden loskomen en een reeks wervelrijen vormen die de Kármán-wervelstraat worden genoemd.
De frequentie van wervelafscheiding vertoont een strikt lineair evenredig verband met de gemiddelde stroomsnelheid van de vloeistof binnen een bepaald Reynoldsgetalbereik. Hoe hoger de stroomsnelheid, hoe hoger de frequentie van wervelafscheiding.
Ingebouwde piëzo-elektrische sensoren detecteren de minuscule drukpulssignalen die ontstaan wanneer elke werveling het sensorelement raakt. De converter versterkt, filtert en verwerkt deze pulssignalen en zet het frequentiesignaal vervolgens om in de momentane stroomsnelheid en het cumulatieve totale stroomvolume.
Doordat de meter geen roterende of bewegende mechanische onderdelen bevat, worden mechanische slijtage en blokkeringen voorkomen, wat zorgt voor stabiele meetprestaties op de lange termijn.
Geplaatst op: 18 juni 2026